Kerststol

Een jaar of tien geleden begon ik met het bakken van mijn eigen kerstbrood, omdat de baksels uit de winkel -ook van de échte bakkers- altijd tegenvielen. Met een recept uit het superdegelijke ‘Volkomen Kookboek’ ging ik aan het mengen, kneden en vormen. En lekker dat het is zo’n groot, geurig, zelfgebakken brood! De kerststol is ieder jaar het pronkstuk bij het kerstonbijt. Helaas heb ik er nog nooit aan gedacht een foto te maken. Dat komt dit jaar goed, voorlopig moet je het maar even met alleen het recept doen. Enne, het lukt alleen als je met je aandacht erbij kunt zijn…

voor het deeg:
500 g bloem of gebuild meel
2 tl zout
1 el verse gist (50 g)
2 dl lauwe melk of sojamelk
100 g witte basterdsuiker
100 g gesmolten boter
1 klein ei, losgeklopt
geraspte schil van ½ (biologische) citroen
geraspte schil van ½ (biologische) sinaasappel

voor de vulling:
300 g gewassen en gedroogde krenten
200 g gewassen en gedroogde rozijnen
50 g kleingesneden franse vruchtjes (bigareaux)
75 g gesnipperde sucade
175 g amandelspijs 

voor de afwerking:
gesmolten boter
gezeefde poedersuiker

Roer in een schaaltje de gist los met 2 el lauwe melk. Roer er een paar el bloem doorheen. Zet het schaaltje afgedekt op een warme plek en laat 15 minuten rijzen. Verwarm een grote beslagkom, liefst van aardewerk, en doe hierin de rest van de bloem. Roer hier de rest van de melk, de basterdsuiker, de gesmolten boter, het loseklopte ei en de citroen- en sinaasappelrasp en het zout door en voeg het zetsel toe. Kneed er een deeg van. Je mag best lang doorkneden, zodat de gluten goed plakkerig worden. Zorg wel dat het deeg niet koud wordt.

Dek de schaal af met folie en laat op een warme plek 45-60 min. rijzen.

Bekleed een bakplaat met bakpapier. Kneed het gerezen deeg goed door, totdat het elastisch is. Druk het op het aanrecht plat en verdeel de vulling er gelijkmatig over. Bewaar de amandelspijs nog even voor later. Werk de vulling zo goed mogelijk in het deeg, door het deeg er als het ware omheen te vouwen.

Bestrooi het aanrecht met bloem en duw het deeg uit tot een ovale lap. Zorg dat het voorste (lange) stuk wat dunner is.

Rol van de amandelspijs een rol, die iets korter is dan de deeglap. Leg het deeg op de bakplaat en leg de amandelspijs op het dikke deel van het deeg. Maak dat een beetje nat en vouw de dunne flap erover. Vouw het brood goed dicht, zodat de amandelspijs er helemaal in zit.

Bedek het deeg met een vochtige doek en laat op een warme plek 30-40 minuten narijzen. Het brood is dan twee keer zo groot.

Verwarm de oven op 200 graden en bak het brood in het midden in 35-40 minuten gaar en bruin. Elke oven is anders, dus dit vraagt om afstemming. Bij mij werd ie vaak van onderen te bruin, terwijl de bovenkant niet gaar was. Uitproberen dus.

Haal het brood uit de oven en laat het op een rooster 5 min. afkoelen. Bestrijk het dan met gesmolten boter. Strooi er tien minuten later poedersuiker over en laat de stol helemaal afkoelen.

En dan mag je ‘m eindelijk proeven! Zalig kerstfeest….

 

Reacties zijn gesloten.